Vlaanderen.be www.vmm.be
Je bent hier: Home / Water / Kwaliteit waterlopen / Chemie / Pesticiden

Pesticiden in de waterketen

Pesticiden en hun afbraakproducten kunnen toxisch zijn voor waterorganismen. De VMM meet de concentratie van bestrijdingsmiddelen en bepaalde afbraakproducten in oppervlaktewater, in influent en effluent van rioolwaterzuiveringsinstallaties en in bedrijfslozingen.

Lees het rapport Pesticiden in de waterketen 2015-2016

Pesticiden in effluent van RWZI’s en bedrijfslozingen

Er zijn 86 pesticiden op effluenten van RWZI onderzocht. Daarvan zijn er 26 in meer dan 5% van de metingen teruggevonden. Van die 26 aangetroffen pesticiden worden er 20 op meer dan 50% van de meetplaatsen oppervlaktewater teruggevonden.

Tevens toont een vergelijking van influent- en effluentconcentraties dat de meeste van deze pesticiden niet of slechts in zeer beperkte mate verwijderd worden op een RWZI.

Bij de toetsing zijn er 9 pesticiden waarvoor minstens 1 keer de MAC-waarde overschreden is en 7 pesticiden waarvoor minstens 1 keer de maximum MKN is overschreden in effluent.

Aantal pesticiden per RWZI

De meetresultaten van de geselecteerde bedrijven tonen aan dat er geen systematische problemen zijn bij de bedrijfslozingen.

Pesticiden in oppervlaktewater

De meetresultaten tonen aan dat pesticiden nog steeds voor een significante belasting van het oppervlaktewater in Vlaanderen zorgen en dat de effluenten van RWZI’s voor deze pesticiden lokaal mogelijk een belangrijk aandeel hebben in de belasting van het oppervlaktewater.

In oppervlaktewater zorgt een beperkt aantal pesticiden voor heel wat overschrijdingen van de MKN, PNEC of MAC. In 2016 waren de gemiddelde concentraties van imidacloprid, flufenacet en diflufenican in respectievelijk 74 %, 43 % en 42 % van de meetplaatsen te hoog. De maximale concentraties van diflufenican en flufenacet waren in respectievelijk 60 % en 42 % van de meetplaatsen te hoog. Voor pesticiden waarvoor gebruiksbeperkingen en/of verbodsbepalingen zijn ingevoerd, daalt de gemiddelde concentratie in oppervlaktewater. Voor de meeste erkende pesticiden schommelen de laatste jaren de gemiddelde concentraties rond dezelfde waarde of zijn ze voor sommige pesticiden gedaald.

bestrijdingsmiddelen per meetplaats

Pesticiden aan drinkwaterinnamepunten

De analysecampagne van de VMM gebeurde in 2016 ook op de 10 locaties waar in Vlaanderen het oppervlaktewater gebruikt wordt voor de productie van drinkwater. Dit oppervlaktewater ondergaat een doorgedreven zuivering vooraleer het in het drinkwaternet gepompt wordt.

Uit de meetresultaten van 2016 blijkt dat 57 pesticiden (op 112 opgevolgde pesticiden) werden vastgesteld in het oppervlaktewater ter hoogte van de innamepunten voor drinkwater.

In 2016 is de maximaal gemeten concentratie van 38 pesticiden op één of meerdere locaties groter dan de drinkwaternorm (0,1 µg/l). Voor 18 pesticiden is de maximaal gemeten concentratie op één of meerdere locaties zelfs groter dan 1 µg/l (10 keer de drinkwaternorm).

Ook de drinkwatermaatschappijen volgen de kwaliteit op van het water dat zij gebruiken voor de productie van drinkwater. In 2016 is de maximaal gemeten concentratie van 57 pesticiden (op 160 opgevolgde pesticiden) op één of meerdere locaties groter dan de drinkwaternorm (0,1 µg/l).

Voor 32 pesticiden wordt door de VMM of de drinkwatermaatschappijen op één of meerdere locaties een concentratie gemeten boven 1 µg/l. Vooral de innamepunten gelegen in het IJzerbekken hebben een hoge pesticidedruk. Zo worden ter hoogte van het innamepunt van Zillebeke 28 pesticiden vastgesteld met een concentratie boven 1 µg/l.

Als het gehalte aan pesticiden in het oppervlaktewater bestemd voor de productie van drinkwater te hoog is, wordt er geen oppervlaktewater ingenomen in de spaarbekkens.

Pesticiden vastgesteld per meetplaats aan innamepunten drinkwaterwinning.

Pesticiden in biota en waterbodem

Sinds 2015 worden ook 5 pesticiden in biota gemeten. Deze meetcampagne toont enkel overschrijdingen van de biota-milieukwaliteitsnorm aan voor cis-heptachloorepoxide.

In de periode 2000-2011 vertonen bijna 80% van de waterbodemmeetplaatsen geen afwijking ten opzichte van de referentiewaarde voor organochloorpesticiden (OCP). Deze meetplaatsen werden beoordeeld als niet verontreinigd. Tijdens de laatst gemeten cyclus (2012-2015) is het aandeel van niet verontreinigde waterbodems met OCP gedaald van 80% naar 65%. Tegelijk is het aandeel licht verontreinigde en verontreinigde waterbodems toegenomen.

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid