Vlaanderen.be www.vmm.be
Je bent hier: Home / Lucht / Fijn stof / Concentratie PM₂,₅

Concentratie fijn stof (PM₂,₅) in de omgevingslucht

  • PM2,5-stofdeeltjes zijn kleiner dan 2,5 µm (= 0,025 mm). Er is een grote verscheidenheid in de deeltjes naar grootte en samenstelling. Stofdeeltjes worden ofwel rechtstreeks uitgestoten (primair stof) ofwel ontstaan ze in de atmosfeer (secundair stof).
  • Fijn stof is de belangrijkste polluent naar gezondheidsimpact, onder meer door luchtweginfecties, astma, dichtslibben van bloedvaten en het veroorzaken van kanker.
  • De Europese jaargrenswaarden werden overal gehaald in 2021.De in 2021 verstrengde WGO-advieswaarden voor bescherming van de gezondheid  werden nergens gehaald.
  • Globaal is er een dalende trend, de laatste jaren schommelen de concentraties, in 2021 is er opnieuw een lichte stijging t.o.v. 2020.
Laatst bijgewerkt: september 2022
Actualisatie: Jaarlijks

doelstellingDoelstellingen 

NaamDoelstellingMeetplaatsen die doelstelling halen in 2021
Europese jaargrenswaarde vanaf 2015 25 µg/m³ Groene vink 41/41
Indicatieve jaargrenswaarde vanaf 2020 20 µg/m³ Groene vink 41/41
Blootstellingsconcentratieverplichting (GBI*) vanaf 2015 20 µg/m³ Groene vink 10,4 µg/m³
Nationale streefwaarde inzake vermindering van de blootstelling (GBI*) vanaf 2020 15,2 µg/m³ Groene vink 10,4 µg/m³
Vlaamse streefwaarde inzake vermindering van de blootstelling (GGBI**) vanaf 2020 15,7 µg/m³ Groene vink 11,8 µg/m³
WGO-jaaradvieswaarde 5 µg/m³ slecht 0/41
WGO-dagadvieswaarde maximaal 3 dagen per jaar > 15 µg/m³ slecht 0/41
Vlaams luchtbeleidsplan tegen 2030 halvering van de gezondheidsimpact (aantal vroegtijdige overlijdens) door blootstelling ten opzichte van 2005 (6600 vroegtijdige overlijdens) /
Vlaams luchtbeleidsplan tegen 2050 voldoen aan WGO-jaaradvieswaarde /

*GBI: gemiddelde blootstellingsindex = 3-jaarsgemiddelde PM₂,₅-concentratie op stedelijke achtergrondplaatsen over heel België
**GGBI: gewestelijke gemiddelde blootstellingsindex = 3-jaarsgemiddelde PM₂,₅-concentratie op stedelijke achtergrondplaatsen over heel Vlaanderen

toestandToestand in 2021

De Europese (indicatieve) jaargrenswaarde werd op alle meetplaatsen gehaald in 2021.
In 2021 bedroeg de GGBI voor Vlaanderen 11,8 µg/m³ en de GBI voor België 10,4 µg/m³. Beide voldoen dus aan de streefwaarden ter vermindering van de blootstelling.
Ook de blootstellingsconcentratieverplichting werd gehaald.
Nergens werd voldaan aan de verstrengde WGO-advieswaarden.  De WGO-advieswaarden zijn opgenomen in het Vlaams Luchtbeleidsplan als langetermijndoelstelling tegen 2050.
Het aantal vroegtijdige overlijdens door PM2,5 was in 2021 een derde lager dan in 2005.

In 2021 lagen de gemeten PM₂,₅-jaargemiddelden in Vlaanderen tussen 10 en 15 µg/m³.

  • Het jaargemiddelde was het laagst op de landelijke meetplaatsen in Retie en Houtem en op de stedelijke achtergrondmeetplaats in Hasselt.
  • Het jaargemiddelde was het hoogst op de meetplaats aan de Polderdijkweg in de Antwerpse haven (nabij raffinaderijen).

Volgens de modelberekeningen werd geen enkele Vlaming blootgesteld aan PM₂,₅-concentraties hoger dan de Europese jaargrenswaarde.

  • De hoogste gemodelleerde PM₂,₅-concentraties kwamen voor in de Antwerpse haven en de Gentse kanaalzone en in een aantal regio’s in West-Vlaanderen
  • De laagste concentraties werden gemodelleerd in het zuiden van Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant en het zuiden en oosten van Limburg

Wel werden alle Vlamingen blootgesteld aan concentraties boven de WGO-advieswaarden voor PM2,5, zie hiervoor de indicator blootstelling en gezondheidseffecten van fijn stof.

 evolutieEvolutie 

We zien globaal een dalende trend in de PM₂,₅-jaargemiddelden. In 2021 stijgen de concentraties weer licht (uitgezonderd een status-quo in typegebied industrieel).

  • De laagste concentraties werden opgetekend op de landelijke meetplaatsen.
  • De concentraties in de andere typegebieden liggen dicht bij elkaar. 

aanpakHoe pakken we dit aan?

Maatregelen om de concentraties van fijn stof te verlagen richten zich zowel op de uitstoot van primair fijn stof als op de uitstoot van de precursoren van (secundair) fijn stof. Het grootste potentieel voor een daling van de fijnstofconcentratie situeert zich bij de landbouwsector (vooral daling ammoniakuitstoot, dit is een fijnstofprecursor) en de huishoudens (houtverbranding). Meer gedetailleerde info is te vinden bij de indicatoren uitstoot fijn stof (PM10) en uitstoot fijnstofprecursoren (NH₃, SO₂ en NOₓ).

InfoMeer informatie 

vmm.be is een officiële website van de Vlaamse overheid

Elke dag opnieuw werkt de Vlaamse Milieumaatschappij aan het milieu van morgen. Water, lucht en klimaat(adaptatie) zijn onze kerntaken.