Vlaanderen.be www.vmm.be
Je bent hier: Home / Lucht / Evolutie luchtkwaliteit / Hoe evolueert de luchtkwaliteit in Vlaanderen?

Hoe evolueert de luchtkwaliteit in Vlaanderen?

De uitstoot in de lucht van verschillende stoffen neemt verder af en ook de luchtkwaliteit verbetert. Hierdoor daalt de gezondheidsimpact door luchtvervuiling, maar deze impact is nog steeds niet te verwaarlozen. Ook landbouw en natuur lijden onder de luchtvervuiling.

Vlaamse uitstoot neemt af - Vlaanderen haalt Europese emissiedoelstellingen

De uitstoot van:

  • fijn stof (PM₂,₅) was in 2021 gehalveerd t.o.v. van 2000;
  • niet-methaan vluchtige organische stoffen (NMVOS) daalde tussen 2000 en 2021 met 45 %;
  • stikstofoxiden (NOx) lag in 2021 bijna 60 % onder het niveau van 2000;
  • zwaveldioxide (SO2) bedroeg in 2021 minder dan een zesde van die in 2000;
  • ammoniak (NH3) daalde in de periode 2000-2021 met 30 %.

Vlaanderen haalt daarmee alle emissiedoelstellingen uit het Vlaams Luchtbeleidsplan. Voor stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) werden de uitstootdoelstellingen verstrengd n.a.v. de definitief vastgestelde PAS (Programmatische Aanpak Stikstof). Voor NOx lijkt het doel tegen 2030 haalbaar, maar voor NH3 zijn maatregelen nodig om het doel te halen.

Industrie en energiesector vervuilen steeds minder

Het plaatsen van filters en de verschuiving naar het gebruik van fossiele brandstoffen met een lager zwavelgehalte, met onder meer de uitfasering van de kolencentrales in Vlaanderen, zorgen voor een lagere uitstoot.

Bij de sector energie zien we in de periode 2000-2021 een belangrijke emissiedaling van zowel de deeltjesvormige als de gasvormige polluenten. Bij de sector industrie situeert de daling zich vooral bij de gasvormige polluenten, zoals zwaveldioxide, vluchtige organische stoffen en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's). Momenteel is de industrie de belangrijkste uitstootbron van zwaveldioxide (raffinaderijen, ijzer- en staalindustrie) en de meeste zware metalen.

Aandeel uitstoot door huishoudens en wegverkeer neemt toe

Momenteel zijn de huishoudens (gebouwenverwarming) de belangrijkste bron van fijn stof en PAK's.

Wegverkeer en gebouwenverwarming zijn belangrijke bronnen:

  • Het wegverkeer stootte in 2021 92 % minder fijn stof (PM2,5) via de uitlaat uit dan in 2000, omdat auto’s minder vervuilend geworden zijn. In 2020 was er een bijkomende daling door minder verkeer omwille van de coronamaatregelen. In 2021 nam het verkeer opnieuw toe en zo ook de wegverkeeremissies.
  • Het verkeer stoot nog steeds veel stikstofoxiden (NOx) uit. Dieselvoertuigen stoten het meest NOx uit.
  • We stoken meer hout waardoor er fijn stof en kankerverwekkende stoffen in de lucht terechtkomen. Positief is wel dat het verbruik van fossiele brandstoffen zoals stookolie en steenkool daalt.
  • Huishoudelijke houtstook en wegverkeer waren in 2021 samen verantwoordelijk voor ongeveer 70 % van de totale uitstoot van elementair koolstof (EC) in Vlaanderen.

Land- en tuinbouw nog steeds belangrijke bron van stikstof

Vooral ammoniak uit de veeteelt, maar ook NOx-emissies van het verkeer, zorgen voor verzuring en vermesting en de vorming van (secundair) fijn stof. De uitstoot van ammoniak door de land- en tuinbouw daalde tussen 2000 en 2007 en bleef daarna eerder stabiel. Omdat de uitstoot van de andere sectoren wel verder afnam, stijgt het relatieve aandeel van de landbouw in de stikstofproblematiek.

Minder luchtvervuiling dan in 2019, maar stijging t.o.v. coronajaar 2020

Voor de meeste stoffen zien we de laatste decennia een verbetering van de luchtkwaliteit. In 2021 mat de VMM echter voor bijna alle vervuilende stoffen een toename van de concentraties in de lucht ten opzichte van 2020. De concentraties in 2020 waren sterk gedaald door de coronamaatregelen, welke leidden tot minder uitstoot van verkeer en van sommige industrieën. De oorzaak van de toename in 2021 t.o.v. 2020 ligt vrijwel zeker bij de heropleving van economie en verkeer. De concentraties in 2021 liggen voor de meeste vervuilende stoffen wel lager dan in 2019, het laatste precoronajaar, en volgen weer meer de algemene dalende trend.

We noteren in 2021 een stijging in de concentraties van onder meer fijn stof (PM2,5), stikstofdioxide (NO2), zwarte koolstof (dieselroet), benzo(a)pyreen en koolstofmonoxide (CO). Voor ozon daarentegen was 2021 een zeer gunstig jaar dankzij de natte en milde zomer en noteren we een daling in de concentraties. Voor het eerst was er op geen enkele meetplaats in Vlaanderen een overschrijding van de informatiedrempel, wat een groot contrast met 2020 was.

De sterkste stijging tussen 2020 en 2021 trad op bij benzo(a)pyreen, een kankerverwekkende stof die vrijkomt bij onvolledige verbranding. Op verschillende meetplaatsen namen de concentraties met meer dan 50% toe en waren de niveaus ook hoger dan in 2019. Deze sterke toename kan gelinkt worden aan toegenomen houtverbranding, wat de belangrijkste bron is van benzo(a)pyreen en andere PAK’s. Daarnaast zal ook de toename van dieselroet door meer verkeer een rol spelen.

Naast metingen in steden en in landelijk gebied, voert de VMM ook metingen uit nabij industrie voor vluchtige organische stoffen, zware metalen, dioxines en PCB’s. Ook werden er PFAS-metingen in de nabijheid van het bedrijf 3M en de Oosterweelwerken opgestart midden 2021. Zowel in zwevend stof als in depositie werd er PFAS gemeten. Op alle meetplaatsen liggen de PFAS-gemiddelden ruim onder de tijdelijke gezondheidskundige toetsingswaarde. Op de meetlocatie het dichtst bij 3M en de werfzone zijn de concentraties het hoogst (meer resultaten).

Belangrijke impact van luchtvervuiling op onze gezondheid

Schatting vroegtijdige sterfte

Nieuwe gezondheidsstudies en nieuw wetenschappelijk inzicht hebben ertoe geleid dat de WGO haar advieswaarden in 2021 heeft herzien en voor de meeste vervuilende stoffen heeft verstrengd.

Fijn stof, stikstofdioxide en ozon zijn de drie stoffen met de grootste gezondheidsimpact in Vlaanderen en leiden tot vroegtijdige sterfte. In 2021 waren er ongeveer 4200 vroegtijdige sterfgevallen door fijn stof (PM2,5), ongeveer 1300 door ozon en ongeveer 1100 door stikstofdioxide. Die schattingen mag je niet optellen, want vroegtijdige sterfte wordt beïnvloed door meerdere stoffen.

Volgens modelberekeningen worden alle Vlamingen blootgesteld aan te veel fijn stof (PM2,5) en ozon en leven meer dan 98 % van de Vlamingen op plaatsen met te veel stikstofdioxide.

De uitvoering van de maatregelen uit het Vlaams Luchtbeleidsplan is een eerste belangrijke stap om de gezondheidsdoelstellingen op lange termijn te behalen. Meer bepaald wil de Vlaamse Overheid met dit plan op middellange termijn (2030) de gezondheidsimpact halveren en op lange termijn (2050) de WGO-advieswaarden respecteren. De nieuwe WGO-advieswaarden zullen in rekening gebracht worden bij de lopende actualisatie van het Luchtbeleidsplan.

Ook landbouw en natuur lijden onder luchtvervuiling

Stikstofdepositie - OzondosisEen te hoge ozondosis vermindert de opbrengst van landbouwgewassen en de groei van bossen. De natuurlijke vegetatie ondervindt ook schade door verzuring en vooral door vermesting. In 2021 ondervonden alle loofbossen en 95 % van de akkergronden een te hoge ozondosis.

In 2021 was de stikstofdepositie te hoog op 80 % van de oppervlakte natuur. De doelstelling uit het Luchtbeleidsplan ligt nog niet binnen bereik. De uitstoot van stikstof gebeurt vooral door de veeteelt (uitstoot van ammoniak), maar ook het wegverkeer (uitstoot van stikstofoxides) is een belangrijke bron.

Om de biodiversiteit in stand te houden en de vegetatie voldoende te beschermen is een verdere verbetering van de luchtkwaliteit en verminderde stikstofdepositie nodig. De voorziene maatregelen uit het Luchtbeleidsplan (vooral in de landbouwsector, in mindere mate verkeer en industrie) en het bijkomend maatregelenpakket dat ontwikkeld wordt in het kader van de Programmatorische Aanpak Stikstof (PAS), zijn nodig om de doelstellingen te realiseren.

Toetsing luchtkwaliteit 2021 aan normen EU en WGO

De Europese regelgeving (die naast gezondheidseffecten ook rekening houdt met economische en technische haalbaarheid), wordt ondertussen bijna overal in Vlaanderen gerespecteerd. Enkele stoffen zijn nog niet volledig in orde met de EU-normen:

  • Voor arseen noteren we op twee van de drie meetplaatsen in de omgeving van Hoboken concentraties boven de Europese streefwaarde.
  • Voor ammoniak werd het kritieke niveau voor de vegetatie op het merendeel van de meetplaatsen overschreden.
  • Voor ozon zien we nog overschrijdingen van de langetermijndoelstellingen.
  • Voor stikstofdioxide berekent het model dat 0,05% van de bevolking woont in een gebied waar de jaargrenswaarde wordt overschreden.

WGO scherpt normen aan

Nieuwe wetenschappelijke studies hebben aangetoond dat de uitstoot van schadelijke stoffen een grotere impact heeft op de gezondheid dan oorspronkelijk gedacht. Daarom stelde de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) in 2021 nieuwe, strengere advieswaarden voor. Naast de overschrijdingen voor fijn stof, stikstofdioxide en ozon werd de WGO-dagadvieswaarde voor zwaveldioxide overschreden nabij industrie. In het Vlaams luchtbeleidsplan is het voldoen aan de WGO-advieswaarden opgenomen als langetermijndoelstelling. 

Onderstaande tabellen geven een overzicht van de toetsing van de meetwaarden aan de EU grens- en streefwaarden en de WGO-advieswaarden.

Toetsing Vlaamse luchtkwaliteit 2021 aan de Europese regelgeving (2008/50/EG - 2004/107/EG - CLRTAP)

Polluent

Toetsing aan de doelstelling

Meetplaatsen die doelstelling halen

Fijn stof - PM10-fractie Groene vink GW dag + jaar 40/40
Fijn stof - PM2.5-fractie Groene vink GW jaar
Groene vink (reductie) GBI
41/41
(nvt - Vlaams gemiddelde)
Stikstofdioxide Groene vink GW uur, alarmdrempel uur
Groene vink GW jaar - metingen met monitoren
Groene vink GW jaar - metingen met passieve samplers
slecht GW jaar - modelberekeningen
45/45
45/45
49/49
(nvt - model)
Zwaveldioxide Groene vink GW uur + dag 
Groene vink alarmdrempel uur
7/7
7/7
Koolstofmonoxide Groene vink GW 8-uur 4/4
Lood Groene vink GW jaar 12/12
Benzeen Groene vink GW jaar 12/12
Ozon - gezondheid Groene vink SW 8-uur uitgemiddeld over 3 jaar
slecht langetermijndoelstelling - jaar
Groene vink informatiedrempel - uur
Groene vink alarmdrempel - uur
19/19
4/18
19/19
19/19
Ozon - vegetatie Groene vink SW -uitgemiddeld over 5 jaar
slecht langetermijndoelstelling - jaar
17/17
11/18
Ammoniak - vegetatie slecht AB jaar - vaatplanten
slecht AB jaar - (korst)mossen
9/23
0/23
Arseen slecht SW jaar 10/12
Cadmium Groene vink SW jaar 12/12
Nikkel Groene vink SW jaar 12/12
Benzo(a)pyreen Groene vink SW jaar 8/8
AB: aanbeveling          GW: grenswaarde          SW: streefwaarde (met vermelding van de tijdsspanne waarvoor de doelstelling geldt)

 

Toetsing Vlaamse luchtkwaliteit 2021 aan advieswaarden Wereldgezondheidsorganisatie

Polluent

Toetsing aan de advieswaarde

Aantal meetplaatsen die de advieswaarde halen

Fijn stof - PM10-fractie slecht (dag + jaar) 1/40 - 0/40
Fijn stof - PM2,5-fractie slecht (dag + jaar) 0/41 - 0/41
Stikstofdioxide slecht (uur - monitoren)
slecht (dag - monitoren)
slecht (jaar - monitoren)
slecht (jaar - samplers)
slecht (jaar - modelberekeningen)
43/45
0/45
3/45
6/49
(nvt - model)
Zwaveldioxide slecht (dag) 6/7
Ozon slecht (8-uur)
slecht (piek seizoen)
0/19
0/19
Koolstofmonoxide Groene vink (8-uur) 4/4
Tolueen Groene vink (half uur - week) 4/4
Tetrachlooretheen Groene vink (jaar) 8/8
Lood Groene vink (jaar) 12/12
Cadmium Groene vink (jaar) 12/12
Kwik Groene vink (jaar) 1/1
Mangaan Groene vink (jaar) 12/12
tussen haakjes staat de tijdsspanne waarvoor de advieswaarde geldt

vmm.be is een officiële website van de Vlaamse overheid

Elke dag opnieuw werkt de Vlaamse Milieumaatschappij aan het milieu van morgen. Water, lucht en klimaat(adaptatie) zijn onze kerntaken.