Vlaanderen.be www.vmm.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Landbouw / Emissies van nutriënten naar oppervlaktewater

Emissies van nutriënten naar oppervlaktewater door landbouw (2010-2019)

  • Een overmaat aan nutriënten in het oppervlaktewater kan leiden tot overmatige algenbloei waardoor bijvoorbeeld de zichtbaarheid sterk afneemt en de zuurstofhuishouding problematisch kan worden.
  • Netto-emissies of verliezen zijn de vuilvrachten die effectief in het oppervlaktewater terechtkomen. De emissies van N en P door de landbouw worden berekend met het Nutriënten Emissie MOdel (NEMO).
  • De landbouw heeft een belangrijk aandeel in de netto-emissies van stikstof (N) en fosfor (P) naar het oppervlaktewater.
  • De netto-emissies van stikstof naar het oppervlaktewater door de landbouw vertonen geen duidelijke evolutie in de periode 2010-2019.
  • De trend voor fosfor lijkt licht dalend.
Laatst bijgewerkt: oktober 2021
Actualisatie: Jaarlijks

toestandToestand

  • In 2019 was de landbouw verantwoordelijk voor:
    • 56 % van de netto-emissies van stikstof;
    • 35 % van de netto-emissies van fosfor.
  • Uit de modellering blijken volgende deelstromen het belangrijkst:
    • voor stikstof: grondwater en drainage;
    • voor fosfor: erosie, drainage en grondwater.

evolutieEvolutie

Er is geen algemene verbetering van de stikstofverliezen in de periode 2010-2019.

  • De stikstofbemesting  door de landbouw is dan ook niet gedaald. Tussen 2010 en 2013 is de stikstofbemesting licht gedaald, maar sindsdien is ze langzaam gestegen.
  • Jaarlijkse fluctuaties van de stikstofverliezen zijn vooral toe te schrijven aan weersomstandigheden. Hoge neerslag leidt tot hogere uitspoeling van nitraat en dus hogere verliezen door drainage en grondwaterstroming. In drogere jaren zijn de gesimuleerde vrachten lager, maar lagere vrachten betekenen niet automatisch lagere concentraties. In jaren met minder neerslag zijn de debieten in de waterlopen ook kleiner. 

De fosforverliezen lijken een licht dalende evolutie te vertonen in de periode 2010-2019:

  • De fosforbemesting is dan ook gedaald en dat heeft vooral een effect op de directe verliezen en erosie. De daling van de fosforbemesting vond vooral plaats tussen 2010 en 2017, sindsdien blijft de fosforbemesting quasi constant.
  • Ook de jaarlijkse fluctuaties van de fosforverliezen zijn vooral toe te schrijven aan de weersomstandigheden. De fosforvrachten zijn het hoogst in de jaren met hogere neerslag zoals 2010, 2012 en 2016. In drogere jaren zoals 2017-2019 zijn de emissies kleiner door lagere drainage en grondwateruitstroom.

aanpakHoe pakken we dit aan?

Het 6de mestactieplan voor de periode 2019-2022 (MAP 6) moet ervoor zorgen dat minder nitraten en fosfaten uit meststoffen in het water terechtkomen. Belangrijke elementen zijn o.a.:

  • bemesten met de meest geschikte mestsoort en bemestingstechniek, volgens de juiste dosis en op het juiste tijdstip,
  • de bodemkwaliteit verbeteren;
  • de directe verliezen van nutriënten tegengaan;
  • de gebiedsgerichte aanpak.

De stroomgebiedbeheerplannen bepalen wat Vlaanderen zal doen om de toestand van het oppervlaktewater en het grondwater te verbeteren. Alle maatregelen en acties om de toestand van de watersystemen te verbeteren of de overstromingsrisico's beter te beheren, zijn samengebracht in het maatregelenprogramma. Voor deze indicator is vooral Groep 7B - Verontreiniging oppervlaktewater van belang.

InfoMeer info

vmm.be is een officiële website van de Vlaamse overheid

Elke dag opnieuw werkt de Vlaamse Milieumaatschappij aan het milieu van morgen. Water, lucht en milieurapportering zijn onze kerntaken.