Vlaanderen.be www.vmm.be

Methaan

De landbouw is verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de methaanemissie in Vlaanderen.

Ten opzichte van 2000 merken we een dalende lijn tot 2008, waarna de emissie weer stijgt. Deze trend volgt hoofdzakelijk de evolutie van de dierenaantallen. Het belang van de sector in de totale methaanemissie in Vlaanderen is sinds 2000 procentueel aanzienlijk toegenomen. Als broeikasgas speelt de methaanemissie in de land- en tuinbouw een belangrijke rol in het broeikasgasverhaal.

Een volledige bespreking van de emissies van de luchtverontreinigende stoffen vind je vanaf september 2019 terug in het Jaarrapport Lucht - Emissies 2000-2017 en luchtkwaliteit in 2018 in Vlaanderen. Het meest recente overzicht van de emissies van broeikasgassen vind je onder het thema klimaat.

Methaanemissie door de veeteelt

Methaanemissie van de veeteelt komt voort uit:

  • verteringsprocessen (ongeveer 70%);
  • mestopslag (ongeveer 30%).

Runderen palmen het gros van de methaanemissie uit verteringsprocessen in. Hun spijsverteringssysteem en verteerbaarheid van het veevoeder dragen daartoe bij.

Varkens zijn dan weer een niet te verwaarlozen bron omwille van hun hoge aantal. Voor methaanemissie uit mestopslag zijn varkens bij uitstek de grootste bron. Andere diersoorten als paarden, pluimvee, schapen hebben tot beide bronnen eerder een heel beperkte bijdrage.

Evolutie van de CH4-emissie (kton) door de veeteelt in Vlaanderen

Methaanemissie door de natuur en landbouwgronden

De bijdrage van de natuur en landbouwgronden in de methaanemissie is veel beperkter dan deze van de veeteelt. Rivieren, kanalen (zoetwateroppervlakten) en vochtige bodems dragen het meeste bij tot de methaanemissie afkomstig van de natuur. Hoe slechter de bodem gedraineerd wordt, hoe meer methaan gevormd wordt. Bosbodems, akkerland- en graslandbodems nemen anderzijds methaan op in plaats van die uit te stoten. We noemen die dan ook ‘sinks’ of letterlijk vertaald 'putten'.

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid