Dimensioneren infiltratievoorziening
De belangrijkste parameters bij de dimensionering van infiltratievoorzieningen zijn de terugkeerperiode voor de overloop en het ledigingsdebiet.
Het ledigingsdebiet kan u berekenen uit de infiltratiecapaciteit, de afvoerende verharde oppervlakte en de infiltratieoppervlakte (best exclusief de bodem die dichtslibt):

Een infiltratievoorziening wordt zo gedimensioneerd dat ze gemiddeld maximaal één keer per jaar overloopt. Als u niet wilt dat dit één keer per jaar gebeurt, bijvoorbeeld omdat de tuin dan overstroomt, moet u met een hogere veiligheid (grotere terugkeerperiode) rekenen of moet u een overloop voorzien. Die overloop leidt liefst naar een gracht of een hemelwaterriool. Enkel als het technisch niet anders kan, mag het hemelwater worden afgevoerd naar de gemengde openbare riolering. De overloop moet u zo hoog mogelijk plaatsen. Dat creëert de grootste berging. Het is niet de bedoeling om de tuin te draineren via een ondergrondse infiltratievoorziening met een afvoer naar de openbare riolering.
Uiteraard moet u ook altijd voldoen aan de minimale voorwaarden qua berging die de gewestelijke of provinciale verordeningen over hemelwater oplegt.
Hier volgt een voorbeeld: een woning met een terras van 50 m² wordt aangesloten op een infiltratievoorziening. De grond bestaat uit een leemachtig fijn zand met een infiltratiecapaciteit van 11 mm/h. Men kiest voor een infiltratiekom omdat dit de meest aangewezen manier van infiltreren is. Er wordt een infiltrerend oppervlak van 1/3 van het aangesloten oppervlak gekozen, dus 17 m². Het ledigingsdebiet wordt dan: (11 mm/h x 17 m²) / (50 m² + 17 m²) = 2,8 mm/h.
Indien de infiltratievoorziening gemiddeld slechts een keer per jaar mag overlopen, volstaat voor dit afvoerdebiet een berging van 1,42 m³ per 100 m² aangesloten oppervlak. Voor dit terras van 50 m² is dat ongeveer 0,7 m³. Een infiltratiekom van 17 m² en 30 cm diep kan 5,1 m³ bergen en is dus ruim voldoende. Als de infiltratievoorziening geen overloop heeft, kan je natuurlijk beter groter dimensioneren om de terugkeerperiode te vergroten.
Uiteraard moet u ook altijd voldoen aan de minimale voorwaarden die de gewestelijke, provinciale of gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen over hemelwater opleggen.

