Hemelwater
De scheiding van hemel- en afvalwater is samen met nuttig gebruiken en infiltreren van hemelwater één van de sleutelfactoren tot een duurzaam waterbeheer. Hemelwater kan gescheiden afgevoerd, hergebruikt, geïnfiltreerd, gebufferd en/of tijdelijk opgeslagen worden. Voor al deze toepassingen bestaan specifieke technische systemen.
Afvoer hemelwater
In de Vlarem II (art. 6.2.2.1.2.) staat de rangorde vermeld die gerespecteerd dient te worden bij de keuze van een afvoersysteem voor hemelwater. Deze rangorde, de zogenaamde Ladder van Lansink, is bindend en dient altijd gevolgd te worden, indien de technische haalbaarheid het toelaat. Het plaatsen van een hemelwaterput bij bestaande woningen wordt als een uitzondering gezien en is bijgevolg niet verplicht. De daaropvolgende stappen dienen wel zo veel mogelijk gevolgd te worden.
- opvangen voor hergebruik (hemelwaterput);
- infiltratie op eigen terrein;
- buffering met vertraagd lozen op het oppervlaktewater of een kunstmatige afvoerweg voor hemelwater;
- lozing in de regenweerafvoerleiding (RWA) in de straat.
Alleen wanneer de best beschikbare technieken geen hoger gerangschikte afvoerwijzen toelaten, mag het hemelwater in de openbare riolering worden geloosd.

