Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
Rubriek water
U bent hier: Home WATER Toestand watersystemen Waar meten we het water? Meetnet afvalwater Wat wordt gemeten

Wat wordt gemeten

Het emissiemeetnet water van de VMM omvat twee luiken: het meten van bedrijfsafvalwater en het meten van het influent en het effluent van openbare rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI's).

Onder de term meten worden volgende acties gevat: de debietmeting, de eigenlijke monsterneming, de laboratoriumanalyses, het valideren en bevestigen van de resultaten. Alle resultaten worden opgeslagen in de meetdatabank, één van de pijlers van de Vlaamse milieudatabank.

Naargelang de infrastructuur aanwezig op een bedrijf of RWZI kunnen debiet- of tijdproportionele monsters of schepstalen genomen worden. Bij de debietproportionele monsterneming meet en registreert een debietmeter continu het debiet van het geloosde (afval)water. De monsternemingsfrequentie wordt aldus aangestuurd in functie van de geloosde hoeveelheid afvalwater. Het 24uur-mengmonster dat op deze manier verkregen wordt, is representatief voor de geloosde vuilvracht gedurende dit etmaal. Bij tijdproportionele monsterneming wordt, ongeacht de eventuele variaties qua geloosd debiet, met gelijke tijdsintervallen een bepaald volume afvalwater opgezogen door het monsternemingstoestel.

De resultaten van de laboratoriumanalyses worden uitgedrukt in concentraties. Deze concentraties worden in combinatie met het geloosde debiet omgerekend tot geloosde vrachten.

De VMM meet in principe enkel het bedrijfsafvalwater bij het verlaten van het bedrijfsterrein. Interne afvalwaterstromen of het influent van private waterzuiveringsinstallaties (bedrijfs-WZI's) worden dus niet gemeten. Het opgenomen oppervlaktewater wordt echter wel meegenomen in de analyses. Onder opgenomen verstaan we het water dat door het bedrijf benut wordt in de procesvoering en dat, eventueel gedeeltelijk, via de afvalwaterstroom wordt geloosd.

Document acties