Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
Rubriek water
U bent hier: Home WATER Toestand watersystemen Waar meten we het water? MAP-meetnet Evaluatie van 8 jaar MAP-meetnet
 

Evaluatie van 8 jaar MAP-meetnet

Het toetsingscriterium in onderstaande tabel is de 50 mg nitraat/liter-drempel uit de Nitraatrichtlijn en het Mestactieplan (MAP).

In overbemeste (dierlijke mest) gebieden komen de hoogste nitraatconcentraties normaliter voor gedurende de winterperiode. Het heeft dus veel meer zin om winterjaren (periode juli - juni) te evalueren dan kalenderjaren.

Grafieken illustreren hoe groot de verschillen qua (evolutie van) nitraatconcentratie zijn: van streek tot streek kan de situatie grondig verschillen.

3.1. Vergelijking van de meetperiodes 1999-2000, 2000-2001... tot 2005-2006.

Percentage van de MAP-meetplaatsen waar de nitraatconcentratie minstens één maal de 50 mg/liter-drempel overschreed in de periode

 


BEKKEN

juli 1999 - juni 2000

juli 2000 - juni 2001

juli 2001 - juni 2002

juli 2002 - juni 2003

juli 2003 - juni 2004

juli 2004 - juni 2005

juli 2005 - juni 2006
juli 2006 - juli 2007

1

IJzer

74%

74%

69%

60%

74%

68%

74%
68%

2

Brugse Polders

56%

52%

46%

28%

49%

41%

35%
37%

3

Gentse Kanalen

70%

52%

26%

19%

50%

42%

42%
38%

4

Beneden-Schelde

58%

8%

17%

18%

34%

27%

36%
36%

5

Leie

90%

86%

71%

72%

80%

80%

80%
83%

6

Boven-Schelde

62%

62%

54%

34%

56%

52%

42%
44%

7

Dender

11%

0%

10%

0%

7%

0%

4%
0%

8

Dijle Zenne

33%

31%

33%

17%

24%

23%

19%
24%

9

Demer

40%

39%

26%

20%

32%

32%

36%
40%

10

Nete

29%

18%

5%

8%

15%

11%

14%
13%

11

Maas

75%

58%

49%

43%

46%

49%

47%
48%

 


Vlaanderen

59%

50%

41%

32%

45%

41%

42%
42%

 


West-Vlaanderen

74%

73%

67%

56%

72%

67%

67%
66%

 


Oost-Vlaanderen

61%

44%

29%

22%

39%

33%

34%
33%

 


Antwerpen

47%

32%

21%

26%

38%

35%

38%
35%

 


Limburg

63%

55%

47%

26%

26%

29%

30%
35%

 


Vlaams-Brabant

23%

22%

28%

16%

28%

22%

22%
26%

Onderstaande kaart geeft weer op welke punten de grens van 50 mg nitraat per liter in het "winterjaar" juli 2006 - juni 2007 overschreden werd.

map_50mg_overschrijding_kle.jpg

3.2. Evolutie van de gemiddelde concentraties

De evolutie van de concentraties kan ook opgevolgd worden door voor elk jaar de gemiddelde concentratie te berekenen. In onderstaande tabel gebeurde dat door eerst de gemiddelde concentratie per winterjaar te berekenen voor elk meetpunt. Vervolgens wordt het gemiddelde van al die gemiddelde waardes berekend. Op die manier wordt met elk meetpunt (onafhankelijk van het aantal bemonsteringen) rekening gehouden. Onderstaande tabel beschrijft de evolutie van de gemiddelde nitraatconcentratie van al de meetpunten van het MAP-meetnet.

jaartal 1999-2000 2000-2001 2001-2002 2002-2003 2003-2004 2004-2005 2005-2006 2006-2007
mg NO3/l 35,7 31,9 28,3 25,0 24,6 26,2 27,0 26,9

Beide bovenstaande cijferreeksen leiden tot de conclusie dat een trend van gevoelige verbetering zich ingezet had: terwijl in de winter '1999-2000 nog 59% van de MAP-meetplaatsen niet voldeden aan de norm van de nitraatrichtlijn, zakte dit percentage tot 49% in de winter 2000-2001, tot 41% in de winter '2001-2002 en ten slotte tot nog 32% in de winter 2002-2003. Ook de jaargemiddelde concentraties zijn in deze periode aanzienlijk gedaald. De gunstige trend werd echter doorbroken. In de winter '03 - '04 steeg het percentage weer naar 45%. In de winter 2004-2005 wordt op 41% van de MAP-meetplaatsen een concentratie hoger dan de drempel van 50 milligram nitraat per liter gemeten. Ook in het winterjaar 2005 - 2006 en 2006 - 2007 vertoont een gelijkaardig percentage van de MAP-meetpunten een overschrijding van die waarde. De jaargemiddelde nitraatconcentratie is de laatste twee winterjaren opnieuw gestegen.

Ondanks de positieve evolutie van de voorbije jaren blijft de nitraatverontreiniging vooral in West-Vlaanderen (bekkens van IJzer en Leie) problematisch. Uit een doorlichting van de meetpunten met de hoogste concentraties blijkt dat die maximale concentraties regelmatig in de zomermaanden voorkomen en afkomstig blijken van kunstmestgebruik in de tuinbouw of lozingen van de glastuinbouw.

Document acties