Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
Rubriek informatie over VMM
U bent hier: Home OVER VMM Milieuzorg Duurzaam kantoorgebouw Aalst
 

Duurzaam kantoorgebouw Aalst

De VMM bouwde in 2003 in Aalst een kantoorgebouw volgens duurzame en ecologische principes. Het gebouw werd in 2005 bekroond met de Prijs Bouwheer van de Vlaamse Regering (categorie geïntegreerde opdracht) en de Belgian Building Award voor Architectuur.

Duurzaam bouwen manifesteert zich op verschillende niveaus: de keuze van het bouwterrein, de afweging tussen nieuwbouw en renovatie, de keuze van ecologische bouwmaterialen, duurzaam watergebruik en een duurzame energievoorziening.


Foto: Duurzaam kantoorgebouw en oude pastorie AalstKeuze bouwterrein

Met het oog op een duurzaam woon-werkverkeer, koos de Vlaamse Milieumaatschappij voor een locatie in de buurt van het station van Aalst. Omdat het gebouw werd opgetrokken in een dichtbevolkte woonwijk, pakte de VMM het parkeerprobleem samen met het nabijgelegen OCMW aan: er kwam een ondergrondse parkeergarage met twee niveaus en twee toegangen, een voor het OCMW en een voor de VMM. Op het binnenplein boven de garage kunnen jongeren uit de buurt elkaar ontmoeten. De VMM en het OCMW schonken het plein aan de stad Aalst.

De keuze voor duurzaam bouwen blijkt ook uit de precieze afweging over het behoud of de afbraak van het oude hospitaal Sint-Lieven. Het gebouw stond jaren leeg en bleek te ver afgetakeld om te renoveren of te integreren in een nieuw project. De oude pastorie leende zich wel voor restauratie en kreeg een nieuwe bestemming als Milieukenniscentrum. Zo behoudt de pastorie haar publieke karakter. Ook de oude tuinmuur en de meer dan honderdjarige kastanjeboom werden behouden.


Flexibiliteit

Het gebouw is volledig opgetrokken volgens het concept van duurzaam en ecologisch bouwen. Het is ontworpen als een open skeletstructuur voor een maximale flexibiliteit; het gebruik van verplaatsbare scheidingswanden die de kantooroppervlakte makkelijk herindeelbaar maken, laat toe rekening te houden met wisselende behoeftes in de toekomst. Ook dat is duurzaam bouwen.


Duurzame materialen

Bij elk materiaal werd geprobeerd een bestaand materiaal een tweede leven te geven. Het puin van het oude hospitaal werd bijvoorbeeld afgevoerd naar een breekinstallatie, waar het werd gemalen. Een deel hiervan is teruggekeerd als werfverharding en een deel werd gebruikt als betonvloer. Het piepschuim afkomstig van de verpakking van de pc's en printers van de VMM werd gemalen en vermengd met cement. Het eindproduct werd gebruikt als uitvullingschape voor daken en vloeren. De isolatie van de betondaken bestaat uit cellenglas gemaakt van gemalen autoruiten. En dat recyclage en esthetiek hand in hand kunnen gaan, bewijst de puintuin van de VMM, met enkele herkenbare ornamenten van het vroegere gebouw.

Bij de keuze van het hout voor de ramen ging de voorkeur naar hout met FSC-label (Forest Stewardship Council). Dat betekent dat voor elke gebruikte boom er een nieuwe wordt aangeplant en dat de houtkop wordt gecontroleerd. Sapupiro is een houtsoort van hardheidsklasse 1 en heeft in principe geen beschermende laag verf nodig. Toch stond het controlebureau erop om het hout te behandelen. Vanzelfsprekend werden hiervoor milieuvriendelijke verfsoorten gebruikt: langs de buitenkant een verf op basis van lijnolie, langs de binnenkant een waterhoudende verf zonder solventen.

De platen die gebruikt zijn voor het vervaardigen van de wanden, meubels en kasten, zijn formaldehydevrij. Formaldehyde is een chemische stof die gebruikt wordt om de platen te binden. De naam mag dan niet bekend zijn, de specifieke geur van de traditionele samengeperste platen zoals MDF- of spaanderplaten is dat wel. Bij temperatuurschommelingen zorgt deze stof ervoor dat bepaalde gassen gevormd worden waaraan heel wat mensen allergisch zijn.

De ruiten zijn van superisolerend glas met een K-waarde van 1,1. Dat is de maat voor de isolerende waarde: hoe dichter bij 1 hoe beter isolerend. De normale gemiddelde K-waarde van glas is 1,5. Het glas is op die manier wel dikker. De grote ruiten beneden aan de inkom zijn maar liefst 3,6 cm dik en wegen elk zo’n 950 kg. Het gebouw zelf heeft een K-waarde van 30, de minimumnorm is 55. En ook hier: hoe lager de K-waarde, hoe beter het gebouw geïsoleerd is.


Foto: Duurzaam kantoorgebouw AalstAangenaam binnenklimaat

De VMM wilde een energiezuinig gebouw zonder airconditioning, met een minimale CO2-uitstoot. Er moest een oplossing gevonden worden waarbij het gebouw in de zomer niet te fel opwarmt en in de winter niet te snel afkoelt.
Om het gebouw in de zomer af te koelen, gaan de ramen 's nachts automatisch open zodra de buitentemperatuur 5°C lager is dan de binnentemperatuur. Daartoe staat op elk raam een motortje. De ramen kunnen immers niet manueel opengezet worden. Via de trapkokers wordt de koele nachtlucht aangezogen. Die koude slaat zich op in de betonstructuur van het gebouw en komt overdag weer vrij. Tevens circuleert er regenwater uit de regenput door de buizen van de vloerverwarming. Zo kan het gebouw met maar liefst 8°C gekoeld worden. Houten luiken aan de binnenkant van de ramen zorgen ervoor dat oververhitting vermeden wordt.

In de winter verliest het gebouw weinig warmte doordat het supergeïsoleerd is: in de muren zit niet minder dan 10 cm rotswol, in het dak 30 cm.

Er wordt trouwens niet alleen aandacht besteed aan het comfort, maar ook aan de gezondheid van de VMM-medewerkers. Aangezien de ramen overdag niet opengaan, wordt continu verse lucht aangevoerd via een ventilatiesysteem. Deze lucht wordt onder andere aangepast qua luchtvochtigheid en temperatuur. En hij wordt bovendien ook nog eens gefilterd. Uit wetenschappelijk onderzoek is immers gebleken dat de kwaliteit van de lucht binnenshuis vaak slechter is dan buiten. Aangezien het bevorderen van de luchtkwaliteit een bevoegdheid is van de VMM, wil zij ook hier – in het belang van haar personeelsleden – het goede voorbeeld geven. Via een leidingenstelsel circuleert de gefilterde lucht doorheen het gebouw en komt vrij via een nis langsheen de muren.

Op elke verdieping is een aparte ruimte met een systeem met verhoogde luchtafvoer. Daar staan de kopieermachine, printer, fax, koelkast… toestellen die ozon en stof afgeven.


Water sparen, een must voor de VMM

Voor de VMM als Vlaamse waterkwaliteitsbeheerder is duurzaam omgaan met water een topprioriteit. Het overtollige hemelwater wordt opgevangen in een regenwaterput van 250 m³; het wordt gebruikt voor de spoeling van de wc's, de schoonmaak, het onderhoud van de planten en voor de koeling van de gebouwen. Wanneer de put vol is, loopt het water over in een infiltratiebekken. Op die manier infiltreert het water langzaam in de bodem en gaat het de rioleringen niet onnodig belasten. Op de platte daken werd bovendien een groendak geplaatst, zodat bij neerslag een deel van het water vastgehouden wordt. Groendaken zorgen ook voor extra isolatie en zuiveren de lucht. Door een mengeling van kleuren – 10 verschillende soorten vetplantjes – zijn ze ook aangenaam om naar te kijken. Elk seizoen biedt een andere kleur.


Kunst aan de boom

Kunst integreren in een openbaar gebouw is een verplichting geregeld via decreet. De VMM is van mening dat kunst voor iedereen bestemd moet zijn en heeft daarom gekozen voor een kunstwerk buiten, dat vanaf de straat te zien is. Kunstenaar Patrick Van Caeckenbergh koos de kastanjelaar uit als drager voor zijn kunstwerk. Door zijn werk probeert hij respect voor de natuur bij te brengen, een thematiek die ook de VMM nauw aan het hart ligt.

Het kunstwerk maakt deel uit van de reeks 'Les jardins clos' en kreeg de naam 'Den Tammen'. Het medaillon aan de kastanjeboom symboliseert de mens die eerst in verlegenheid wordt gebracht door de schoonheid van de natuur rondom zich, maar die – als hij diep genoeg in zichzelf durft te kijken – ontdekt dat hij zelf een stuk van die natuur in zich draagt.

Document acties