Centraal besturingsgebouw Leuven
De VMM nam in oktober 2008 het centraal besturingsgebouw in Leuven in gebruik. Het is een toonbeeld van energiezuinig en milieuvriendelijk werken. Het gebouw is volledig opgetrokken volgens het passiefhuisprincipe en er werd consequent gekozen voor duurzame bouwmaterialen.
In het besturingsgebouw in Leuven worden alle gegevens in het kader van de overstromingsvoorspeller voor het bekken van de Dijle gecentraliseerd; het gaat om peil- en debietgegevens, neerslaggegevens en klepstanden. De VMM had van bij het eerste concept de ambitie om van dit gebouw een voorbeeld te maken inzake duurzaamheid en watergebruik.
Compact, supergeïsoleerd en luchtdicht
- Een passief gebouw is in de eerste plaats een compact gebouw: hoe compacter, hoe minder energieverlies. Het gebouw heeft een strakke vorm zonder uitspringen.
- Het gebouw heeft een K-waarde van 15, dankzij een doorgedreven isolatie. De houtstructuur kreeg aan de binnenkant een isolatie van 28 cm glaswol. De buitenzijde werd bekleed met thermisch behandeld hout. Voor de dragende binnenwanden werd kalkzandsteen gebruikt. Het superisolerende glas van de ruiten telt drie lagen.
- Het gebouw is volledig luchtdicht. Alle naden en overgangen met muren, deuren, vloer en plafond werden afgeplakt. Een luchtdicht gebouw moet wel optimaal geventileerd worden; dit gebeurt via mechanische ventilatie met warmteterugwinning wat zorgt voor een goede luchtkwaliteit en een aangenaam binnenklimaat.
Maximaal gebruik van duurzame en hernieuwbare energiebronnen
- Een passiefhuis heeft geen extra verwarmingsinstallatie nodig. Een warmtepomp haalt via een put warmte uit het grondwater. Ook de warmte uit de serverruimte wordt gerecupereerd. Tijdens de zomer wordt diezelfde pomp gebruikt voor de koeling van het gebouw.
- Zonnepanelen wekken milieuvriendelijke energie op; ze doen ook dienst als zonnewering waardoor een te sterke opwarming van het gebouw in de zomer vermeden wordt.
- Voor de verlichting wordt maximaal gebruik gemaakt van natuurlijk daglicht. Alle ruimtes komen uit op een centrale vide; dankzij transparende wanden en sunpipes – dat zijn holle buizen die net zoals dakkoepels het licht tot in de binnenruimte brengen – valt het daglicht tot diep in het gebouw binnen.
- Er werd gekozen voor energiezuinige elektrische apparaten.
Duurzaam omgaan met water, een must voor VMM
- Hemelwater wordt gebruikt voor het doorspoelen van de toiletten en voor het onderhoud van de gebouwen. Voor de urinoirs is er zelfs geen water nodig.
- Een groendak buffert het water en zorgt voor extra isolatie.
- De wegenis werd uitgevoerd met waterdoorlatende verharding.
- Er is geen aansluiting op de openbare riolering. Het afvalwater wordt gezuiverd in een rietveld.
- Het overtollige hemelwater en het gezuiverde water infiltreren in een wadi, een kunstmatige poel.

