Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
Rubriek lucht
U bent hier: Home LUCHT Meetnetten Kalibratie van fijnstofmetingen (april 2011)

Kalibratie van fijnstofmetingen (april 2011)

Fijnstofmetingen gebeuren met automatische meettoestellen die continu de hoeveelheid fijn stof meten in de buitenlucht. Dit is nodig om de fijnstofconcentraties in “real-time” te kunnen opvolgen.

De meettechnieken die deze automatische toestellen gebruiken zijn echter niet gebaseerd op de Europese gravimetrische referentiemeetmethode. Deze referentiemethode is een semi-automatische techniek waarbij een voorafgewogen filter 24 uur bemonsterd wordt en daarna in het labo opnieuw wordt gewogen. De resultaten van de referentiemethode zijn, in tegenstelling tot die van de automatische meettoestellen, dus niet onmiddellijk en in real-time beschikbaar.

In vrijwel alle Europese meetnetten gebruikt men daarom automatische meettoestellen. Dit is toegelaten indien equivalentie met de referentiemethode kan aangetoond worden. Om op een equivalente manier met de meettoestellen te meten gebruikt men voor bepaalde types toestellen kalibratiefactoren. Deze kalibratie is nodig om verliezen door verdamping van (semi-) vluchtig aerosol te compenseren.

De VMM voert de fijnstofmetingen uit met drie type toestellen: de ESM monitor, de TEOM-FDMS monitor en de TEOM monitor. Door de VMM worden regelmatig vergelijkende equivalentiemeetcampagnes georganiseerd. Bij de meest recente vergelijkende oefeningen die in het voorjaar 2011 werden afgerond, bleek dat de huidige kalibratiefactoren voor de ESM en de TEOM-FDMS monitoren konden behouden blijven (zie tabel onderaan). Een probleem werd vastgesteld bij de PM10 – TEOM monitor, waarvoor voorheen de kalibratiefactor 1,35 werd toegepast. Uit de vergelijkende oefeningen bleek dat dit type toestel niet voldeed aan alle criteria voor equivalentie bij gebruik van één kalibratiefactor. De jaargemiddelden werden gemiddeld met 5% onderschat en ook de afwijking op de dagwaarden (en het aantal dagoverschrijdingen van de 50 µg/m3 daggrens) is te groot.

Om toch equivalente data te verkrijgen heeft VMM daarom besloten om een meer complexe, maar kwalitatief betere kalibratie toe te passen waarbij de omrekening van dag tot dag varieert. Deze nieuwe kalibratie is analoog aan de methodes die men toepast in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk en geeft meetwaarden die nu ruimschoots aan de equivalentiecriteria voldoen.

Dit besluit heeft voor gevolg dat de jaargemiddelde waarden voor de meetstations ‘Antwerpen- Boudewijnsluis’ (40AB01), ‘Berendrecht’ (40AB02), ‘Antwerpen-Linkeroever’ (40AL01), ‘Diepenbeek” (40GK06), ‘Menen’ (40MN01) en ‘Roeselare-Brugsesteenweg’ (40RL01) vanaf 2009 met ca. 5% dienen  verhoogd, en dat ook het aantal PM10 overschrijdingsdagen verhoogt. Dat het aantal overschrijdingsdagen voor een aantal stations relatief sterk toeneemt is het gevolg van het feit dat er op sommige plaatsen met de oude kalibratie relatief veel dagen waren met PM10 meetwaarden net onder 50 µg/m3 die met de nieuwe kalibratie net boven de 50 µg/m3 uitkomen.

Het nadeel van de nieuwe kalibratiemethode is wel dat deze niet in “real-time” kan toegepast worden. De PM10 metingen in de hoger vermelde meetstations zijn dus niet meer online beschikbaar vanaf 12 april 2011. Daarom zullen de fijnstofmetingen op een aantal van deze meetplaatsen in de toekomst met TEOM-FDMS monitoren uitgevoerd worden, waarbij geen kalibratie nodig is. Op twee plaatsen worden de metingen met de TEOM monitor gestopt (40AB01 en 40MN01).

Hieronder worden de kalibratiefactoren weergegeven die vanaf 2009 gebruikt worden.

Type monitor Meettechniek Kalibratiefactor PM10 Kalibratiefactor PM2,5
ESM Bèta-absorptie x 1,25 x 1,27
TEOM-FDMS Oscillerende microbalans
met correctie voor afdamping
x 1,00
(=geen kalibratie nodig)
x 1,0
(=geen kalibratie nodig)
TEOM Oscillerende microbalans
zonder correctie voor afdamping
Variabele kalibratie per dag  
Document acties