Stikstofoxiden
Mensen met ademhalingsproblemen en kleine kinderen zijn extra gevoelig voor stikstofoxiden. Ze gaan moeilijker ademen en worden vatbaarder voor infecties. Stikstofoxiden spelen ook een belangrijke rol in smog, milieuverzuring en ozonvorming. En dat is dan weer geen goed nieuws voor de duurzaamheid van gebouwen en materialen. De grootste boosdoener? Het wegverkeer dat deze schadelijke gassen de lucht inblaast. Toch is dat ook goed nieuws: zo kunt ú meehelpen aan de bestrijding ervan.
Stikstof en zuurstof
Wanneer zuurstof zich bindt aan stikstof, vormen zich nieuwe gassen: de stikstofoxiden. De bekendste zijn stikstofmonoxide (NO) en stikstofdioxide (NO2). Voor het gemak krijgen ze soms samen de groepsnaam NOx. Nochtans verschillen ze sterk van elkaar. NO is een kleur-, reuk- en smaakloos gas dat weinig giftig is. NO2 is dat wél. Bovendien kleurt dat bruinrood, ruikt het slecht en irriteert het. Beide gassen zetten zich in de atmosfeer gemakkelijk in elkaar om. Door zonlicht of ozon ontstaat uit NO op die manier gemakkelijk NO2.
Wegverkeer en industrie
Stikstof oxideert alleen bij hoge verbrandingstemperaturen - zoals in de motoren van voertuigen. Geen wonder dat in Vlaanderen het wegverkeer de grootste uitstoot van stikstofoxiden (NOx) produceert: liefst 47% van de totale uitstoot in 2004 is te wijten aan wegverkeer. Bijna even vervuilend (39%) is de elektriciteitsproductie plus de industrie (waaronder de raffinaderijen). Toch is de totale NOx-emissie in Vlaanderen in 2004 met 21% gedaald t.o.v. 1990.
Moeilijk ademhalen
NO2 bemoeilijkt de ademhaling. Mogelijke problemen zijn een slechtere longfunctie en symptomatische reacties, acute ademhalingsziekte, beschadiging van het longweefsel (bij hoge blootstelling) en hogere gevoeligheid voor infecties.
Nadelige effecten van vooral NO2 bij de mens treden op bij kortdurende blootstelling aan hoge concentraties of bij chronische blootstelling aan lagere niveaus.
Ecosystemen
Planten kunnen stikstofoxiden opnemen en omzetten tot nitriet of nitraat. Deze kunnen gereduceerd worden tot ammonium, dat op zijn beurt kan ingebouwd worden in organische componenten. Die kunnen de vegetatie nadelig beïnvloeden.
Milieuverzuring en smog
De stikstofoxiden spelen een belangrijke rol in de milieuverzuring en de fotochemische smogvorming. Ze zijn onder andere de voorlopers van ozon, ammoniak en andere fotochemische stoffen zoals PAN (peroxy-acetylnitraat). Net zoals SO2 kunnen NO2 en NO over grote afstanden reizen. Hun nadelige effecten strekken zich dan ook uit tot in verafgelegen gebieden.
Materialen verweren
Ook materialen kunnen onderhevig zijn aan de invloed van stikstofoxiden. Kleurstoffen, plastics en elastomeren, metalen en gebouwen verweren er sneller door. Toch zijn heel wat stoffen hier samen verantwoordelijk voor (synergetisch effect). Het is daarom vaak moeilijk om uit te maken welk effect toe te wijzen is aan welke stof. De rol van stikstofoxiden is in ieder geval minder belangrijk dan die van andere luchtverontreinigende stoffen. Het effect van SO2 op de verwering van kalksteen, of dat van ozon op de verwering van kleurstoffen, plastics of elastomeren, is in ieder geval groter dan het effect van de stikstofoxiden.

