Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
Rubriek lucht
U bent hier: Home LUCHT Luchtvervuilende stoffen Dioxines en PCB's

Dioxines en PCB's

Meer dan 400 verschillende stoffen vormen samen de groep van dioxines en PCB's. Vele ervan zijn giftig. Dat is een groot probleem, omdat dioxines nog een andere vervelende eigenschap hebben: ze stapelen zich in het vetweefsel op. Jaar na jaar neemt hun hoeveelheid in het lichaam toe. Een sluipend gif, dat we samen kunnen aanpakken door onvolledige verbranding te bestrijden.

 

210 dioxines

Liefst 210 scheikundige stoffen vormen samen de groep van de dioxines. Toch hebben ze allemaal hetzelfde ‘bouwplan'. Ze bevatten allemaal koolstof, zuurstof, waterstof en – helaas – ook chloor. Ze bestaan uit twee (zeshoekige) benzeenringen, die via één of twee zuurstofatomen aan elkaar hangen. Ze heten respectievelijk PCDF (polychloordibenzofuranen) en PCDD (polychloordibenzodioxines).

Dirty seventeen

Zeventien van de 210 dioxines hebben een kwalijke reputatie. Die heeft te maken met de plaats van de chlooratomen in het molecule: namelijk op posities 2, 3, 7 en 8. Hoewel de ‘dirty seventeen' allemaal als gevaarlijk worden beschouwd, zijn ze dat niet in even grote mate. Daarom krijgt elke dioxine een giftigheidscoëfficiënt, de TEF of toxische equivalentfactor. Hoe hoger de TEF, hoe gevaarlijker het dioxine.

De dioxineresultaten worden steeds uitgedrukt als een toxisch equivalent (TEQ): de som van de zeventien toxische dioxines, vermenigvuldigd met hun afzonderlijke TEF's.

Onvolledige verbranding

Dioxines ontstaan bij verbranding - zowel in de natuur (bijv. vulkaanuitbarstingen) als door menselijke activiteiten. Ze zijn een bijproduct van onvolledige verbranding. Voorbeelden? Huisvuil- en industriële verbranding, staalindustrie, recyclage van non-ferrometalen, thermische elektriciteitscentrales en cementovens.

Is de temperatuur bij verbranding hoog genoeg (minimum 850 °C)? Dan worden de dioxines ‘stukgebrand'. Toch kunnen ze zich opnieuw vormen in de schoorsteen wanneer de rookgassen afkoelen tot 200 à 400 °C. Daarom zijn moderne afvalverbrandingsinstallaties uitgerust met gesofisticeerde filters.

U en ik mee verantwoordelijk

Installaties voor huisvuilverbranding zorgden tot voor kort voor de grootste dioxine-uitstoot. Gelukkig leverden hun beheerders al grote inspanningen, net zoals de industrie (ferro én non-ferro). Maar precies daardoor springen de meer verspreide bronnen nu in het oog.

Voor die diffuse dioxine-uitstoot zorgen … u en ik. Met onze uitlaatgassen, en sigaretten- of sigarenrook. Met onze houtkachels en slecht afgestelde verwarmingsinstallaties. Vooral de illegale vuurtjes in de tuin, waarbij groenafval samen met huishoudelijk afval illegaal wordt verbrand, zijn vandaag de dag de boosdoeners. Kortom: de verlaging van de dioxines in ons milieu is een zaak van ons allemaal, elke dag.

Vetweefsel als opslagplaats

Dioxines zijn heel stabiele stoffen die in de bodem nauwelijks worden afgebroken. Ze lossen moeilijk op in water, maar des te beter in vet (lipofiel of ‘vetminnend'). Zodra ze via onze voeding de weg daarnaartoe gevonden hebben, stapelen zij er zich op. Het lichaam geraakt ze niet meer kwijt … ook niet de ‘smerige zeventien'.

We hebben er dus alle belang bij om geen dioxines de lucht in te blazen. Niet omdat we ze zouden inademen, want via de lucht nemen we ze nauwelijks op. Wel omdat ze dan op de gewassen neerslaan en zo hun weg vinden naar het vee. Zo bereiken ze ons lichaam vooral via ‘vette' voedingsmiddelen zoals zuivelwaren, melk, vlees en vis.

Dioxines zijn dan ook een sluipend gif, dat geen onmiddellijk gevaar voor de volksgezondheid vormt. Maar heel kleine hoeveelheden in ons voedsel leiden tot een chronische blootstelling en uitgestelde effecten. Daarom moeten we in de eerste plaats vermijden dat we ze binnenkrijgen, en elke schakel van de voedselketen erop controleren - van grondstof tot eindproduct.

Moedermelk

Dioxines kunnen storingen in de groei en ontwikkeling teweegbrengen, misvorming van de schildklier en chlooracné. Ze veroorzaken ook darmstoornissen. Bovendien werken ze in op ons hormonenevenwicht en afweersysteem.

Dioxines vinden ook hun weg naar de moedermelk, waar ze meereizen met de vetdeeltjes. Uit een onderzoek in 1989 door de Wereldgezondheidsorganisatie, bleek dat de blootstelling aan dioxines in Vlaanderen een van de hoogste ter wereld was. Is borstvoeding dan te mijden? Neen, helemaal niet. Ondanks de mogelijke aanwezigheid van dioxines, blijft moedermelk de beste keuze, onder andere door de bescherming die ze de baby biedt tegen ziektekiemen en allergieën.

PCB's

Net zoals dioxines, is PCB's een verzamelnaam. Van de 209 ‘polychloorbifenylen' zijn er twaalf giftig: die kregen net als dioxines een Giftigheidscoëfficiënt (TEF). De gevaarlijkste is PCB126. PCB's en dioxines worden sinds 1998 in één adem genoemd. Toen bepaalde de Wereldgezondheidsorganisatie de totale dosis, die dagelijks mocht opgenomen worden. Sindsdien worden ze samen gemeten en opgevolgd in de depositienorm.

VMM besliste om vanaf 2002 de depositie van de meest toxische stof te meten: PCB126. Met deze oriënterende studie wil de VMM inzicht verwerven in hoe de PCB's over Vlaanderen verspreid zijn. Momenteel voeren we verder onderzoek uit om de meetresultaten te interpreteren.

Hierbij werden de hoogste PCB126-concentraties gevonden in de buurt van Menen aan de Leie, nabij de shredderinstallatie dicht bij de Frans-Belgische grens. Vergelijkbaar hoge concentraties doken overigens ook op in de buurt van andere Vlaamse shredders. Deze industrietak zou dus een belangrijke bron van de PCB-uitstoot in Vlaanderen zijn.

Document acties